Skip to content
Close
U kunt uw waardering voor deze foto geven door het toekennen van 1 tot 5 sterren.

1984: Demonstrant tegen plaatsing kruisraketten

De mogelijke plaatsing van kruisraketten in Nederland zorgt voor veel emotie en verdeeldheid binnen de samenleving. Tijdens een plenaire vergadering springt een demonstrant op de regeringstafel.

Op 12 december 1979 besluit de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) tot het plaatsen van 572 Amerikaanse middellangeafstandsraketten op Europees grondgebied. Het besluit is een reactie op de toenemende nucleaire dreiging van de Sovjet-Unie, dat de kernraketen SS-20 heeft gestationeerd.

Het besluit komt bekend te staan als het ‘NAVO-dubbelbesluit’, omdat tegelijkertijd de mogelijkheid tot onderhandelingen met de Sovjet-Unie open wordt gehouden.

De Amerikaanse raketten worden onderverdeeld in 108 Pershing II-raketten en 464 Tomahawk-kruisvluchtwapens. Het korte bereik van de Pershing-raket maakt van West-Duitsland de enige geschikte locatie voor plaatsing. Besloten wordt om de Tomahawks ter compensatie te verspreiden over vijf NAVO-landen, waaronder Nederland. De beoogde locatie is Vliegbasis Woensdrecht.

De twee kabinetten-Van Agt hadden zich al gebogen over de kwestie, maar een hard besluit bleef uit. Het eerste kabinet-Lubbers krijgt daarmee de daadwerkelijke keuze voorgeschoteld. Een dilemma, want Nederland is tot op het bot verdeeld over de plaatsing van de kruisraketten. Het onderwerp brengt veel maatschappelijke onrust met zich mee.

Lubbers I stemt uiteindelijk voorwaardelijk in met het NAVO-besluit. Als na twee jaar het aantal SS-20-rakketen van de Sovjet-Unie blijkt te zijn toegenomen, zal Nederland de kruisraketten plaatsen.

 

Op 1 november 1985, als duidelijk is dat de Sovjet-Unie niet heeft afgeschaald, wordt het onvermijdelijke besloten: Nederland gaat 48 kruisvluchtwapens plaatsen op Vliegbasis Woensdrecht. Maar het uitstellen van Lubbers blijkt uiteindelijk voldoende: een doorbraak tussen de VS en de Sovjet-Unie met het ondertekenen van het INF-verdrag maakt plaatsing niet meer nodig.

Foto: Rob Bogaerts